TGL -
tijdschrift voor geestelijk leven publiceerde een bundel artikels over
de verschillende manieren waarop mensen, steunend op verschillende
religieuze en levensbeschouwelijke tradities, hun lichamelijk en
geestelijk welbevinden proberen te bereiken.
Het is op straat verkrijgbaar. Je loopt de eerste de
beste winkelstraat in en je kan producten kopen die je helpen een goed
gevoel op te bouwen. Eenvoudige hulpmiddelen die je wat lichtvoetiger door
het leven laten lopen. Wellness is ook in het Nederlands een
modewoord geworden. Tik het op het internet in Google als zoekwoord in, en
je wordt overstelpt met een overvloed van verlokkelijke aanbiedingen. Niet
alles is gericht op alleen lichamelijk welbehagen. In het aanbod zit ook
'spiritualiteit'. Hier en daar steekt er wel een Chinese of Indiase wijsheid
achter.
De commercie kijkt nauwlettend toe. Ze kent de kunst van
de verleiding. Ze weet dat spiritualiteit vandaag niet langer in de kerk
wordt gezocht. Kerken zijn leeggelopen, en wie er nog heen gaat, keert niet
bepaald met een goed gevoel naar huis terug. Spiritualiteit dient elders te
worden gezocht. Het is bovendien een persoonlijke aangelegenheid. Men laat
het zich niet dicteren. Mensen zoeken inspiratie waar ze die vinden.
Vandaag voert die zoektocht zowel naar de meest bekende
als de meest onbekende tradities, plekken, gemeenschappen, personen,
trainingscursussen. Een merkwaardig brede waaier. Men schaamt er zich niet
voor te hopen op die manier een persoonlijk goed gevoel te versterken. Want
is dat niet het verlangen van ieder mens: zich 'goed in zijn vel' te voelen?
Er is meer aan de hand dan de interesse in een
oppervlakkig gevoel van welbehagen. Zo is er de oprechte zorg om dichter bij
de eigen kern te komen. Het verlangen om minder verbrokkeld, meer gefocust
te leven. Met aandacht voor de eigen persoonlijkheid. Vanuit het verlangen
het leven tot een samenhangend geheel uit te bouwen. Te leven in harmonie.
Met onszelf, maar ook met het grote geheel van ons leven.
Mensen zijn geboeid zowel door de klassieke vormen van
spiritualiteit en mystiek met alle bijhorende vormen van ascese, als door de
inspiratie die ze vinden in de brede waaier van meditatievormen - al dan
niet van boeddhistische signatuur. Heel wat gelijkenissen springen daarbij
in het oog. Zo bijvoorbeeld het plaatsmaken binnen de individuele zoektocht
voor een gevoel van verantwoordelijkheid voor de medemens. Het bewogen
worden tot mede-leven en mede-lijden. Aandacht opbrengen voor wat zich hier
en nu aan mij als vraag of als zorg aandient. Meditatie of stilte-ervaringen
vergen geduld en oefening. Ze zijn niet onmiddellijk nuttig of functioneel.
Toch blijken ze op de een of andere manier en in een ruimer perspectief meer
vrede en harmonie met zich te brengen. Niet verwonderlijk dat de
persoonlijke zoektocht soms leidt tot gezamenlijke meditatie of
concentratieoefeningen. De interesse in persoonlijk 'welbevinden' komt op
die manier in een bredere context te staan.
Merkwaardig is hoe verschillende bronnen van inspiratie,
verschillende al dan niet religieuze tradities convergerende lijnen laten
zien. TGL (Tijdschrift voor geestelijk leven*) 2009/2 brengt dit mooi in
beeld in een bundeltje artikels onder de algemene titel 'Aandachtig leven -
Verlangen naar harmonie en eenheid'.
Een Antwerpse psychiater biedt zijn patiënten een
training in mindfulness aan. Nog een nieuw modewoord. Hij zegt ervan
dat het in het Nederlands een plaats aan het veroveren is. Een goede vertaling zou
'aandachtige aanwezigheid' kunnen zijn. Het is een meditatietechniek
ontleend aan het boeddhisme. Ze wordt aangeprezen als een techniek die leert
omgaan met stress, onrust, piekeren en "alles wat in de weg staat van een
leven dat de moeite waard is". De psychiater heeft daar niets tegen, maar
het ergert hem dat voor veel mensen de hele spirituele rijkdom van de
mindfulness totaal verloren gaat. Ze wordt herleid tot een louter
gebruiksinstrument zonder enige diepgang. Om die spirituele rijkdom is het
hem te doen. Hij wil mensen helpen die willen leren aandacht te geven aan
wat in het leven het belangrijkst is. Als ze de bron vinden van de vreugde
omdat hun stress verdwijnt, vinden of hervinden ze hun eigenlijke spirituele
thuis.
Een cultureel werker met veel pijlen op zijn boog leidt
in een gemeente van de Vlaamse Ardennen in het hartje van een officieel
erkend 'stiltegebied' een 'stiltecentrum'. Stilte is een uiterst kostbaar
goed, nu des te kostbaarder omdat het jachtige leven ons met veel soorten
lawaai overdondert. We moeten ze cultiveren. Maar de stilte van een
buitenruimte bereik je alleen als ze resoneert in de stilte van je
binnenruimte. Als ik niet open en stil ben, zegt de auteur, kan ik de
weldadige stilte in mijn omgeving niet opnemen. Zijn stiltecentrum wil
werken als een brug tussen beide ruimten. Het biedt een plaats aan waar de
stilte die het erfgoed is van alle grote wijsheidstradities tot haar recht
kan komen. Een plaats waar spirituele ontwikkeling optimaal kan gedijen. Het
individuele welbevinden dat door het helende vermogen van stilte wordt
bewerkt, is een noodzakelijke voorwaarde voor collectief welbevinden.
Stilte heeft ook een centrale plaats in een christelijke
meditatiegroep die begeleid wordt door een diaken in opleiding. Hij
beschrijft hoe hij het hindoeïstisch 'mantragebed' heeft ontdekt en leren
waarderen en beoefenen. Een mantra is een spreuk of een woord, vergelijkbaar
met een christelijk schietgebed, dat je in stilte in een vast ritme
voortdurend herhaalt om bij je diepste zelf te komen. Essentieel in dit
stiltegebed is dat je alles loslaat: beelden en gedachten en alles waaraan
je gehecht bent. Je schept een leegte waarin je God kunt gewaarworden en
Christus in jou bidt. Om het met Sint-Paulus te zeggen: waar in ons de Geest
voor ons bidt. Vermeld mag ook worden dat er in Vlaanderen meer dan twintig
zulke meditatiegroepen zijn die regelmatig bijeenkomen.
De
vrouwelijke psycholoog die aan het woord komt is monastiek gevormd in de benedictijnse traditie en nu al veel jaren zenbeoefenaar. De stilte van zen
trekt haar aan, zegt ze. Maar meditatie is voor haar iets anders dan een
techniek die het welbevinden bevordert. Bij zenleraren komt men het woord
niet dikwijls tegen. Het sleutelwoord is 'mededogen'. Meditatie heeft
een veel ruimer perspectief dan 'ik' en 'mijn'. Het gaat om 'alles' en
'iedereen'. "Onze ware identiteit ligt in het onzichtbare dat ons met alles
en iedereen verbindt." Je door meditatie daarvan bewust worden is de basis
van een grenzeloos mededogen. In christelijke taal: van onbegrensde
naastenliefde. Waar we botsen op de grenzen van onze menselijke
mogelijkheden, tuimelen we om in God: niet de God buiten of boven onszelf,
maar in onze diepste diepten. Paulus verwoordt het op zijn christelijke
manier. "Ik leef niet meer, Christus leeft in mij."
Ignace D'hert o.p.
Terug